Wat gebeurt er als ik zes maanden niet kom?
21 september 2026
“Mijn grootste angst is dat je na zes maanden terugkomt en we nog precies staan waar we nu staan.”
Dat was het antwoord op een grap die ik maandagochtend maakte.
Elke week begin ik met ons Operations-overleg. Deze keer ging het over het webinar voor onze laatste release. Daarmee is ons nieuwe platform ‘af’ voor zover dat woord bestaat in software. Alles wat het oude kon, en meer. Bijna twee jaar bouwen.
Wat nu, grapte ik. Misschien moet ik maar eens met vakantie. Een maand of drie. Of zes. Ik ben wel benieuwd waar we dan staan als ik terugkom.
Het antwoord kwam vrij snel.
Ik vond het een geweldig antwoord. Want als je erover nadenkt zijn er maar drie mogelijkheden: we gaan achteruit, we blijven staan of we gaan vooruit.
En blijkbaar is niemand echt bang dat we achteruitgaan.
Als dát niet meer de grootste zorg is, zijn we volgens mij al een heel eind.
"Ik geloof nog steeds in hard werken. Soms zijn meer uren gewoon nodig. Alleen werkt het met bijna veertig man anders dan met twee."

Wat ik daarbij grappig vind: die opmerking kwam uit ons Operations-team. Een jaar geleden deden mijn compagnon Rodger en ik dat werk er nog bij. Nu staat er een team dat een evenement voor ons nieuwe kantoor organiseert, een strategiedag neerzet waar ook onze buitenlandse teams bij aansluiten en gewoon een middag sloepvaren regelt omdat twee collega’s vijf jaar in dienst zijn.
Allemaal dingen die we een jaar geleden niet deden.
Precies die mensen zijn nu het “bangst” dat we stil blijven staan.
Wat vorig jaar vooruitgang was, is bij hen inmiddels het minimum. Ze leggen de lat zelf alweer hoger. Dat vind ik mooi om te zien.
Toen we dit bedrijf begonnen was dat anders. Ik was vaak als eerste op kantoor en als laatste weg. Meer uren betekende meestal ook meer resultaat. Meer klanten bellen, meer offertes maken, nog even iets afmaken voordat je naar huis ging.
Ik geloof nog steeds in hard werken. Soms zijn meer uren gewoon nodig. Alleen werkt het met bijna veertig man anders dan met twee.
Ik ben niet meer de motor van het bedrijf. En dat moet ik ook niet willen zijn.
Dat schrijft trouwens makkelijker op dan het voelde. Er zit iets ongemakkelijks in de ontdekking dat het ook gewoon doorgaat als jij er niet bent.
Bij het bouwen van ons nieuwe platform liep dat precies zo. Eerst richting geven. Daarna steeds dichter erop. Tot ik uiteindelijk ook gewoon in projectmanagement en QA zat. Er zat een gat en dat moest gevuld worden.
Maar wat daarna gebeurt is minstens zo belangrijk. Het team moet het overnemen. Het kan niet zo zijn dat ik twee jaar later nog steeds nodig ben om hetzelfde project vooruit te krijgen.
Dat is inmiddels gebeurd. Het team heeft het platform steeds verder naar zich toe getrokken en brengt het nu zelf verder. Dan kan ik mijn aandacht weer ergens anders op richten.
Dat heeft ook mijn beeld van hard werken veranderd. Vroeger was hard werken voor mij vooral veel doen. Tegenwoordig vraag ik mezelf vaker af: wat voeg ik vandaag toe wat er zonder mij niet zou gebeuren?
Soms is dat strategie. Soms een project lostrekken. Soms iemand aannemen. En soms betekent het vooral dat ik ergens níét tussen ga zitten.
Mijn agenda kan ik zonder moeite vullen met mails en meetings. Maar een volle agenda betekent nog niet dat ik bezig ben met de belangrijkste dingen.
Met sporten heb ik hetzelfde. Kan ik ’s ochtends kiezen tussen een uur sporten of een uur achter mijn laptop, dan voelt die laptop nog steeds lekkerder. Je hebt tenminste meteen iets gedaan.
Laptop is lekkerder. Sporten is beter.
Met mijn agenda werkt het precies zo.
Terug naar dat overleg van maandagochtend. Dat mijn collega’s niet bang zijn dat het bedrijf zonder mij achteruitgaat, vind ik mooi. Maar mijn hoofd ging meteen door naar de volgende vraag.
Wat is er nodig om ervoor te zorgen dat we ook niet blijven staan?
Want ik wil niet een bedrijf bouwen dat zonder mij kan blijven draaien.
Ik wil een bedrijf bouwen dat zonder mij vooruit blijft gaan.
Of ik dat binnenkort zes maanden ga testen, weet ik nog niet.
Misschien eerst maar eens drie weken…